performance dag der beha’s

door | Performance

  foto van de filmscène

Ultrakort filmpje, 17 november 2007 in Amsterdam Oost, op de achtergrond een lokale billboard reclame lingerie, de plaatselijke bewoners noemden (schertsend) de dame die er gehurkt op poseert Madonna. Ik draag tijdens deze performance het prozastukje voor getiteld De bh-dag uit mijn serie miniaturen Meneer K. Streetperformance.  In het oog springend detail: het slipje dat ik clownesk omhoog houd heeft de maat van een rubensfiguur, vrouw dus met weelderige vormen. Rubens schilderde geen lantaarnpaaltjes.

camera magdalena jesionek videobewerking  en acteren jan hontscharenko

Behadag. Elk jaar vond de speciale Behadag plaats in Amsterdam. Men spande een touwtje dwars tussen de raamkozijnen en hing daarover een beha. Meneer Kusmelier had een rode beha geleend van zijn vriendin, liever een rode dan een zwarte, en die beha hing hij dan voor zijn raam.
Jaarlijks groeiden het aantal deelnemers. Bijna heel Amsterdam hing een beha voor het raam zoals vroeger in verkiezingstijd posters van politieke partijen aan het raam werden geplakt, zonder enige pardon voor de vormgeving. Meneer Kusmelier maakte op de Behadag een wandeling door de binnenstad en kwam veel voorbijgangers tegen die als ongegeneerde raamgluurders de straten doorliepen.
Er ging iets uitnodigends vanuit, al die beha’s tentoongesteld voor het raam, behoedzaam opgehangen, hier en daar slordig en groezelig. Hoe langer je ze stuk voor stuk bekeek, kreeg het massale exposé zelf iets verleidelijks, zeker ook iets onbeschaamds en het triviale dat al uitging van de rijtjeshuizen in lange straten kreeg door de beha’s iets extra triviaals, iets feestelijks.

De beha’s varieerden van trendy, compact, minimaal en maximaal, ze oogden comfortabel, en ze oogden uitdagend, jawel, beha’s in vele maten en stijlen, grote cups, kleine cups, er hing geen enkele antibeha tussen, hoewel, iemand had een reuzenbeha opgehangen, die van een boezem met de omvang van een walvislijf. De neiging naar variatie kon moeilijk onderdrukt worden, want enkelen hadden er ook een slipje naast hangen. Wat dat betekende? Dit was een lelijke dissonant, vond Kusmelier. Waarom al die beha’s voor het raam hingen was duidelijk, maar wat de slipjes zouden moeten aantonen, dat was wel heel onduidelijk. Wat deden die slipjes tussen de beha’s?