Twee mannen die nietszeggend glimlachen ontmoeten elkaar

door | Dagboeknotities

Proza geschreven in Mumbai India

Hij glimlachte zonder reden al was het zonder reden, hij glimlachte toch maar aldoor. Die glimlach zei weinig tot niets. Leek op een glimlach die zijn eigen leven leidde, zijn eigen reden had om te glimlachen. Niet het gemoed  of een soort algemeen geluksgevoel, of het jaarinkomen van De Man Met Nietszeggende Glimlach was de concrete reden van die glimlach, maar de glimlach zelf, die glimlach glimlachte zoals een neus in essentie maar wat rondneust.

Toen De Man Met Nietszeggende Glimlach naar India ging om daar een andere cultuur te ontmoeten kwam hij een man tegen die op dezelfde nietszeggende wijze bijna onophoudelijk wist te glimlachen.

Alsof De Man Met Nietszeggende Glimlach in de spiegel keek, zijn evenbeeld zag. Hij vroeg aan de man, zijn evenbeeld, in het Engels: ‘Waarom glimlacht u zo?’ Antwoordde de man uit India, in het Engels: ‘Omdat u zo glimlacht,’ en schudde vriendelijk en herhaaldelijk nee nee nee met zijn hoofd, het gebaar dat in India bevestiging betekent.

De Man Met Nietszeggende Glimlach keerde terug naar Nederland, waar hij zoals hij gewend was niemand zag glimlachen zoals hij zelf altijd glimlachte. Stel je voor dat iedereen vrolijk nietszeggend aan het glimlachen was in Nederland, dacht hij en verder dacht hij niets en glimlachte zoals alleen hij thuis in Nederland kon glimlachen, in het nieuwe besef dat zijn glimlach niet helemaal een specifiek Nederlandse glimlach was, de man die hij in India had ontmoet was daar het bewijs van.

Allebei waren als het ware gezegend met deze eigenaardige glimlach die hoewel nietszeggend het leven in een wereld vol crisissituaties en drukkende donkere wolken, somstijds een zwaar kruis om te dragen, toch wat lichter maakte, alsof wie die glimlach mocht glimlachen op een of andere manier uitverkoren was.