Over De Laatste Vraag Locatie Sterfbed
Is iedereen dood?
Stel je voor, je gaat dood, lichamelijke kutoorzaak, je bent geestelijk super scherp op het moment net voordat je sterft, mag je een vraag stellen, je laatste, allerlaatste vraag. Mocht er een op je lippen branden, welke? Zoiets als: ‘Mag ik nog even naar de wc?’
De verleiding om iets absurds te vragen is groot. Maar ik zou niks vragen, ik zou de kans mijn laatste vraag te uiten graag aan mij voorbij laten gaan, zoals heel het leven waaraan ik hecht straks dan aan mij voorbijtrekt, mij verlaat en het doek valt. Mag dat dan ook, geen enkele vraag gesteld? De vraagvorm wordt dan retorisch: is nu nog even zwijgen ook een optie?
Alle gekheid op een stokje, toch deze vraag klinkt wel goed, enigszins kwa context: Is iedereen dood? Je herhaalt: Is iedereen dood? Alsof er een verwoestende nucleaire bom is gevallen. Op zo’n vraag krijg je allicht een voorspelbaar antwoord. Zoals, heel logisch: ‘Iedereen leeft nog!’
Vragen en antwoorden: eigenlijk een vervelend spelletje, waar de levenden zich mee ledig houden. Het voordeel van sterven: alle vragen opgelost. Oorlog en vrede. Haat en liefde. Geen antwoord. Ik heb altijd in dat woord een miertje zien lopen. Waar naar toe? Wie weet.