Lelijk Lieve Duiveltje van Meneer K

door | Meneer K

Tijd voor een therapeutische breinmassage. Nadat Meneer K zijn hoofd goed had gelegd in haar handpalmen, kon de massage beginnen. Zijn Siberische vriendin O, (zij was voordat ze emigreerde naar Amsterdam daar in Siberië volwassen geworden in een nest van sjamanen) wilde het duiveltje verdrijven dat volgens haar in zijn hoofd was gaan wonen en de hoofdpijn had veroorzaakt waar hij, zonder aanwijsbare redenen, meer en meer last van kreeg.

‘Hé duiveltje, hoor je me? Jij lelijke, miezerige kleine boze geest, verdwijn uit dit hoofd!’

Ze masseerde met bezwerende kracht zijn slapen en drukte stevig met haar gloeiende handen tegen de weerszijden van zijn schedel, alsof zijn schedel de hele hersenpan een opgeblazen bal was waaruit de kwade lucht weggeperst moest worden.

Jij, duiveltje, in geniep binnengeslopen, vies en ziek duiveltje, dring niet langer je wil op aan deze man, hou op met het demoniseren, je gaat te ver met je stupide vilein en je weinig geestige schunnigheden! Mijn liefje, luister naar mij! Zijn ziel is niet te koop en ik ben niet onder de indruk van je kunststukjes en je allang achterhaalde zwarte magie. Verdwijn, verlaat dit hoofd!’

K zweeg. De woordkeus lelijk en liefje verbaasde hem, lelijke liefje, maar misschien wie weet had ze een gevoelig punt geraakt. Er kwam iets in beweging.

‘Jij, lelijk lief duiveltje. Ik weet, je bent bang voor mij, liefje, want jij weet, satan heeft op mij nooit een greep gehad! Hoor je mij? Mijn wil is krachtiger dan de wil in dit hoofd, maar ik hou van dit hoofd en zal nooit toelaten dat jij erin blijft rondspoken! Verdwijn! Ga! Ga nu!’

Ze sprak op een dreigende toon die K zelf deed huiveren. Koude rillingen liepen over zijn rug. Hij was nieuwsgierig of het duiveltje zelf zou reageren. Spannend. Bestond het echt, exorcisme, het uitdrijven van de duivel?

Even was het stil. Stilte voor de storm? Maar er gebeurde niets. Toen sloeg zij’n vriendin plotseling met haar platte hand boven op zijn hoofd, pats! – een enkele flinke mep.
‘Zo, die is weg, hoe voel je je?’
‘Een stuk beter.’