Recensie Chinatown van Roman Polanski
Regisseur Roman Polanski snijdt subtiel in de neus van Jack Nicholson in zijn magistrale film Chinatown (1974) .
Ik zag de film twee keer eerder in de bioscoop, nu dat ik thuis de film bekeek was ik nieuwsgierig wat mijn capricieuze geheugen zou doen. Mooi concreet aansluiten ofwel, de harde maar stoffig en grijs geworden feiten vergetend, nevelachtig afhaken? De beelden (scènes uit de film) die ik mij meende te herinneren uit blote hoofd waren min of meer correct, tot mijn eigen verbazing. Ik ervaar het als een groot genoegen wanneer mijn geheugen (toch de meest onbetrouwbare bron van kennis, het geheugen is eigenlijk de abstracte personificatie van de enige echte ingrijpende echtscheiding die we meemaken in al van onze verloren liefdes) niet al te ernstig wordt bijgecorrigeerd. Voor mij komt Chinatown aldus in aanmerking voor het superlatief onvergetelijke film.
Schitterend om de meesterlijke fade-in van Faye Dunaway weer te zien. Nadat het scherm pikzwart is geworden, omdat Jack Nicholson in de rol van een Marlowe-achtige detective, die verwikkeld raakt in een waterproject in de handen van de maffia van Los Angelos, zijn bewustzijn verliest, zodra hij zijn bewustzijn verliest (blackout) komt meteen het bitterzoete gezicht van Faye Dunaway in beeld, uitgevoerd met een fabuleuze fade in, op dat moment is detective Jack weer bij bewustzijn gekomen. We zien dan de vertederende oogopslag van hem, zelf verbaasd dat hij blackout ging niettemin weer opgelucht dat hij weer tussen de levenden verkeert, dankbaar ook dat het eerste wat hij ziet het gezicht is van Fay Dunaway, die op haar dubbelzinnige manier, zo ironische wijze, archetypische vrouwelijke bezorgdheid gemixt met medelijden en melancholie uitstraalt.
Polanski gebruikt de aloude filmtechniek van fading in en fading out niet alleen als een vorm van slapen en waken, maar ook om een tijdsperiode te overbruggen, in die ene snelle flits zijn uren en uren samengebald.
De fijnste scène in retrospectief was voor mij wanneer Polanski himself als acteur, venijnig klein van postuur, zelf in beeld komt met een dubieuze witte hoed op, dit lijkt geïnspireerd op maestro Alfred Hitchkock die als toevallige passant vaak anoniem en onopvallend door het beeld liep van zijn films. Onopvallend en anoniem is Polanski allerminst. Hij snijdt met een kleine stiletto in de neus van Jack Nicholson. Een gemene flits. We zien even snel een bloederige snee in Nicholsons neus. De scène oogt dusdanig dat je denkt aha Polanski viert zijn sadistische neigingen bot op de neus van de beroemde auteur, maar het is meer een subtiel dan sadistisch gebaar. Hoe dan ook, we zien Jack the nosy detective daarna de hele tijd met een verbandgaasje op zijn neus rondacteren. Ronduit schitterend gezicht. Zulk een fysieke visualisering van kwetsbaarheid is onovertroffen in de filmkunst. Die neus in het verband, wat een vondst.
In het Pools bestaat de uitdrukking: ‘je neus is te lang’ als definitie van altezeer nieuwsgierige mensen, heel misschien heeft die uitdrukking in Polanski’s Poolse achterhoofd gespeeld toen hij in de neus sneed van Nicholson. Maar misschien is deze sadistisch aandoende scène in feite bedacht door zijn Amerikaanse scenarioschrijver Robert Towne die in de extra’s van de dvd aan het woord komt, informatief, maar intussen zie je in hem het prototype belichaamd van een Amerikaanse Narcist Pur Sang. Zijn pretentieuze toon van vertellen irriteert mij bijzonder. Polanski zelf hoor ik liever praten. Regisseurs die virtuoos werk realiseerden hoeven daarover niet te pochen.